test 15 gedragsproblemen sproeien

Sproeien

Sproeien is een complex gegeven omdat het in eerste instantie perfect normaal gedrag is. Sproeien heeft vele oorzaken, invloeden en nuances, en katten sproeien om tal van redenen. Een kat sproeit, net zoals ze krabt en kopjes afgeeft, om te communiceren en dus te overleven. Het wordt pas echt een probleem wanneer de frequentie te hoog ligt en het niet op de juiste locaties gebeurt.

Wanneer is sproeien problematisch?
Sproeien behoort tot het normale gedragsrepertoire van de kat. Ze communiceert naar andere katten wie ze is en hoe ze elkaar kunnen vinden of uit de weg kunnen blijven. Ze communiceert ook naar zichzelf dat deze plaats niet oké is, dat ze hier volgende keer op haar hoede moet zijn. We bekijken even welke problemen zich kunnen stellen bij het sproeien.

Opinie van de eigenaar
Het is ook maar hoe je het bekijkt. Er zijn eigenaars die sproeien altijd problematisch zullen vinden, ongeacht hoeveel vooruitgang we maken binnen een gedragstherapie, en of het nu normaal is voor de kat of niet.
Ook al evolueert het sproeigedrag van 5 keer per dag naar 2 keer per week, wat voor mij een topoverwinning is, dat is voor heel wat eigenaars niet voldoende.
We kunnen een (beperkte) invloed uitoefenen op de frequentie en de locaties van het sproeien en dit kanaliseren naar een formule die voor iedereen werkt, maar het is mogelijk dat katten blijven sproeien. Dat is voor hen normaal én bovendien van levensbelang voor hun overleven. Dit inzicht is alvast erg belangrijk.

Frequentie
In eerste instantie kijk je naar wat normaal is voor deze kat en naar welke verandering in haar gedrag voorkomt. Er zijn katten die vanaf de leeftijd van 1,5 tot 2 jaar, de leeftijd waarop de meeste gedragsproblemen beginnen omdat de kat dan gedragsmatig volwassen wordt, regelmatig eens in huis sproeien om logische redenen, bv. na een ontmoeting met een vreemde kat in de tuin.
Let op een wijziging in deze frequentie. Als een kat van 2 keer per week naar dagelijks 3 keer sproeien gaat, dan zitten we met een toename die wel degelijk op een stressprobleem wijst. Sproeit je kat al van in het begin zoveel, dan nog moet je alles proberen, onderzoeken en aanpassen omdat je je kat zo happy mogelijk wil krijgen, maar de kans bestaat dat dit niet al te veel verschil zal opleveren.

Locatie
We maken even een onderscheid tussen verschillende locaties binnen het territorium die normaal zijn om te sproeien en welke niet. In de Handleiding op p. 56 deelden we het territorium van de kat op in 3 delen:
Hartsgebied
Het hartsgebied ligt meestal in onze woning, waar de slaap- en eetplaatsen zijn. Hier voelt de kat zich veilig, komt ze tot rust, kan ze slapen, aan vachtverzorging doen en veilig eten. Het liefst wil ze hier alleen zijn.
Als een kat de nood voelt om hier te sproeien, dan hebben we een probleem. Niet alleen ervaart de kat stress boven haar drempel van opwinding, maar ook wij vinden het niet leuk dat de kat sproeit in onze woning, tegen de gordijnen, op het aanrecht, tegen de deurposten, sofa’s en ramen. Hier moeten we verandering in brengen want de kat voelt zich in huis niet goed!

Leefgebied
Dit is het gebied waar de kat haar dagelijkse looproute heeft, waar ze op uitkijk staat, waar ze naar toilet gaat, drinkt en omgaat met de andere katten.
Een kat kan geneigd zijn om te sproeien naarmate ze de grens van haar jachtgebied nadert. Het lijkt misschien alsof ze haar territorium wil markeren, maar dat is het niet want ze sproeit niet enkel aan de randen, ze kan doorheen heel het territorium sproeien maar misschien iets meer naar de randen toe. Het is namelijk zo dat de overgang van leefgebied naar jachtgebied al wat spannender wordt voor de kat, door de mogelijke aanwezigheid van andere katten en prooien. Overgangen zijn bv. de voor- en achterdeuren en het kattenluik. Buurtkatten kunnen hier in de buurt van komen en reeds sproeiplaatsen achterlaten, wat de kans alleen nog maar vergroot dat onze kat hier ook wil sproeien.
Sproeit de kat echter doorheen heel haar leefgebied, dan willen we dat wel ombuigen. Het leefgebied moet nog steeds een veilige plaats zijn waar de kat geen of toch een minimum aan stress voelt, niets dat ze niet kan wegwerken met een goeie krabbeurt.
Jachtgebied
Hier jaagt de kat, zoekt ze prooien en moet ze veel communiceren op afstand met andere katten om aan time-sharing te doen (grondgebied delen met andere katten op verdeelde momenten), elkaar te vinden en elkaar uit te weg te gaan. In het jachtgebied is het dus perfect normaal om te sproeien.
Er zijn katten die in de tuin sproeien maar niet binnen sproeien, dat is normaal. Als deze katten zich binnen bedreigd voelen, houden ze zich echter niet in om hun normale gedragspatroon binnen verder te zetten. Een kat die buiten nooit sproeit, is minder geneigd om dit plots binnen ook te doen.
ANEKDOTE – Ik deed een gedragsconsultatie bij een dame die een sproeiende kater in huis had, die was begonnen nadat hij 4 maanden vermist was geweest. Ervoor had die kat nooit gesproeid en nu sproeide hij dagelijks op meerdere plaatsen in huis. We hebben echt alles uit de kast gehaald om het sproeiprobleem om te buigen. De kat had waarschijnlijk heel wat bedreigende situaties meegemaakt tijdens zijn periode op straat waarbij sproeien een ingebakken onderdeel is geworden van zijn communicatiestijl.

Waarom sproeit een kat dan?
Ik geef jullie vanuit mijn ervaring alle mogelijke redenen, invloeden en oorzaken op een rijtje waarom een kat zou kunnen sproeien.
Oorzaak 1: Seksueel signaal
De kat is niet gecastreerd en zet een seksueel signaal af om een partner te zoeken. Zowel poezen als katers kunnen seksueel sproeien (alsook gewoon sproeien) en beiden worden ook technisch gezien gecastreerd. Het woord ‘steriliseren’ ligt gewoon gemakkelijker in de volksmond om het verschil tussen poezen en katers aan te duiden. Steriliseren betekent echter dat de ei- of zaadleiders worden afgeknoopt en castreren betekent dat ze worden weggenomen. Bijgevolg worden in een doorsnee procedure zowel poezen als katers gecastreerd. Het blijft grappig wanneer mensen me hier keer op keer op corrigeren als ik spreek over het ‘castreren van poezen’ omdat ze hier niet van op de hoogte zijn…
Het is dus een fabeltje dat alleen katers sproeien.
Bij fokkers of huishoudens waar meerdere katten ongecastreerd leven, is het bijna onmogelijk om sproeien op te lossen omdat het werkelijk de normaalste zaak van de wereld is. Als er één kat begint te sproeien, kan dit de andere katten ook aansteken om dit te doen. Dat is niet zeker maar er is een goede kans. Als open katers (dat zijn katers die niet gecastreerd zijn) in de buurt van ongecastreerde poezen leven, dan heb je hoogstwaarschijnlijk prijs!

Oorzaak 2: Medische oorzaak
De kat heeft pijn en voelt zich fysiek niet goed. Dit is voldoende reden om in huis op allerlei verschillende plaatsen te beginnen sproeien.
Oorzaak 3: Zelfzeker karakter
Ik merk in de praktijk dat katten met een zelfzeker karakter meer geneigd zijn om te sproeien dan verlegen katten. Beide karakters kunnen stress, schrik, angst en frustratie voelen, maar een zelfzekere kat steekt haar emoties niet onder stoelen of banken en laat het duidelijk zien aan haar omgeving. Verlegen katjes trekken zich eerder terug en stoppen zich weg in plaats van het aan de grote klok te hangen.
Oorzaak 4: Bedreiging van andere katten buitenshuis
Eén van de meest voorkomende redenen waarom er gesproeid wordt in huis, is dat de kat zicht en notie heeft van vreemde buitenkatten heeft. Een simpele staarwedstrijd volstaat om alles in huis onder ‘water’ te zetten. De kat is danig van streek. Het is dubbel zo erg als de kat ook nog eens niet buiten kan en dus niets kan ondernemen om de tegenligger fysiek weg te jagen.
Oorzaak 5: Schaarste binnenshuis tussen katten
Territoriaal sproeien als gevolg van te weinig bronnen of te weinig locaties in huis is opnieuw een voltreffer. Katten die het gevoel hebben dat er niet voldoende is, zetten overal in huis rode vlaggen uit om zichzelf eraan te herinneren dat ze hier moeten oppassen voor de andere katten in huis.

Oorzaak 6: Stressontlading
Een kat sproeit op die plaatsen waar ze stress ervaart, maar ook op veilige plaatsen als vorm van stressontlading. Ze heeft bv. een staarwedstrijd aan het raam of een vijandige ontmoeting met de andere kat in huis, ze vlucht weg, springt op het aanrecht om zichzelf in veiligheid te brengen en sproeit daar om haar stress los te laden. “Pfieuw, nu voel ik me weer beter”. Het is dan ook moeilijk om elke sproeiplek op zichzelf te bekijken, omdat het mogelijk helemaal niets met die plek te maken heeft. Dit was net een veilige plek.
Oorzaak 7: Onvoorspelbaarheid in huis
Katten sproeien op schoenen (met rare geuren), fietsen (met rare geuren), handtassen en supermarkttassen (met rare geuren), allemaal onbekende zaken voor de kat. Daar moet ze haar post-it op plakken met daarop geschreven ‘in koeien van letters’: ‘PAS OP: ONBEKEND, KAN GEVAARLIJK ZIJN’.
Oorzaak 8: Onvoldoende controle over de omgeving
Als een kat in huis onvoldoende keuzes heeft om met mogelijke bedreigingen om te gaan, dan wordt de nood om te sproeien groter dan in een situatie waar ze gewoon alles kan doen wat ze maar wil.
Oorzaak 9: Elektronische zaken in huis
Het is een feit (vraag me niet waarom) dat katten gemakkelijker sproeien op elektronische zaken zoals laptops, tv’s, stopcontacten, broodroosters en ja, zelfs op de Feliway-verstuiver. Deze apparaten zouden de semiochemicals (een mooie naam voor een verzameling feromonen) door opwarming beter verspreiden, en dat is ook effectief zo. Tijdens consultaties blijken elektronische apparaten vaak veelgebruikte sproeiplaatsen te zijn. Hoe weet die kat dat toch?

On-ge-loof-lijk.
Oorzaak 10: Frustratie
Regelmatig zie ik katten louter uit frustratie sproeien in huis. Frustratie is een sterke emotie die tot sterke reacties leidt. De wereld doet niet wat ze wil, en die emotie kan de kat niet onderdrukken. Ze kan niet naar buiten en ze wil zo graag of ze verwacht dat jij elk moment natvoer gaat klaarmaken en ze is ongeduldig, allemaal reden genoeg om te sproeien voor de kat met een lage stressdrempel.
Oorzaak 11: Aangeleerd gedrag
Elk sproeigedrag dat ooit om een eerder besproken reden begonnen is, kan leiden tot een kat die sproeit omdat ze doorheen de tijd geleerd heeft dat het haar nog iets anders opbrengt, zoals aandacht of naar buiten mogen (lees: vliegen). Pas dus goed op met het gevolg dat jij zelf koppelt aan dit ongewenste gedrag van je kat.
Concreet stappenplan – Sproeien in huis
Als je de hele Kattenmatrix® hebt doorlopen, is dat op zich de oplossing voor sproeien, maar we gaan nog een paar stappen verder om het probleem nog grondiger aan te pakken.

Stap 1: Castreer de kat
Zolang een kat niet gecastreerd is, kunnen we aan het sproeien gedragsmatig niet veel veranderen. We kunnen wel alles doen wat we kunnen om de stress zo laag mogelijk te houden, want open katten hebben nood aan een groter leefgebied en kunnen dus meer stress ervaren bij het delen van hun gebied.
Castreer eerst de kat en hoop dan dat het sproeien stopt, want castreren verhoogt de kans maar is geen garantie. Het sproeien kan verminderen maar het valt af te wachten of het helemaal ophoudt.

WEETJE – In België is het wettelijk verplicht om katten te castreren. Niet alleen katten die van eigenaar veranderen, maar alle katten vanaf 8 weken behalve zij die als kweekdier aangemeld zijn. Dit is niet raar of schandalig, maar wel fantastisch en deze wetgeving zal een einde brengen aan heel wat kattenleed.

Stap 2: Zorg voor algemene stressreductie
Werk elke stap van de Kattenmatrix® uit en leer ook de algemene concepten en begrippen die hierin steeds terugkomen en volg je buikgevoel. Jij kent je kat het beste, observeer de kat en onderzoek wat haar stress geeft.
Door lichaamstaal en situaties te bekijken en analyseren, in combinatie met alles wat je in de Kattenmatrix® geleerd hebt, kan je ook nieuwe situaties begrijpen en hier een oplossingen voor bedenken, zelfs als ze niet concreet in dit boek vermeld staan.

Stap 3: Vermijd staren met buitenkatten
Dit is namelijk de grootste oorzaak van sproeien als signaal van onveiligheid. Katten voelen zich bedreigd door het zien of staren van buitenkatten, het dichterbij komen of erger nog: situaties waarbij de buitenkatten binnenkomen! Eén zo’n incident volstaat voor jarenlange stress en angst. Preventie is dus het beste! Hoe zou je zelf zijn mocht je jouw voordeur niet volledig dicht krijgen en er elke moment vreemde mensen kunnen binnenwandelen? Vreselijk, toch?
Jij bent de bodyguard van je kat, dus haal alles uit de kast om je huis te beveiligen. Denk hierbij aan raamfolie, extra beveiliging van het kattenluik en andere ingangen in huis en extra visuele barrières, want wat niet weet, niet deert. Jaag buitenkatten weg uit de tuin en zorg ervoor dat alle belonende factoren in de tuin weg zijn zodat er weinig redenen zijn voor deze katten om langs te komen.

LET OP – Rolluiken of gordijnen zijn geen alternatief voor raamfolie, het middel moet namelijk 24/7 voorspelbaar en consequent zijn. Je kat moet constant beveiligd zijn, niet alleen wanneer de gordijnen dicht zijn. De gordijnen zijn uiteraard een goed extra middel om het zien van buitenkatten te verhinderen, maar raamfolie blijft de basis.

Stap 4: Vermijd territoriaal gedrag in huis
Bij sproeien in huis ga je tot het maximum binnen je supermarktfase (zie STAP 42). Je kat moet onmiddellijk een gevoel van opluchting voelen, omdat ze eindelijk alles alleen kan doen. Geef je katten gerust een time-out en wees je bewust van staren binnenshuis dat je moet onderbreken, en van katten die bepaalde doorgangen bezetten. Als je dit ziet, onderbreek je dit zachtjes en bedenk je een plan om dit te vermijden.

Stap 5: Vermijd frustratie door aan alles toe te geven
Katten die sproeien zitten boven hun drempel van opwinding en frustratie heeft hier een felle impact op. Je wil hen dus ALLES geven wat ze maar willen. Je wil hen nu niet aanleren dat bepaalde zaken ‘niet mogen’, integendeel! Je zorgt ervoor dat je kat niets van frustratie voelt.
Liet je de kat soms minutenlang zeuren (op eender welke manier) om naar buiten te mogen, dan laat je de kat nu buiten als die nog maar naar de deur durft te kijken of laat de deur openstaan zodat ze zelf kan kiezen. Probeer je ander gedrag ook af te leren door het te negeren, stop er dan maar snel mee en draag je kat (figuurlijk) op handen.
Bij het minste gemiauw sta je recht en geef je je kat alles wat je maar denkt dat ze nodig heeft. Soms is dat wat zoeken, maar zo leert ze ook dat ze rustig mag worden, want als ze straks iets wil, dan weet ze dat ze het zal verkrijgen. Het tegenovergestelde gevoel zorgt ervoor dat de kat extra vatbaar wordt voor sproeien. Het uitwerken van je volledige Kattenmatrix® zal tevens de meeste frustratiegevoelens bij je kat weghalen.
Stap 6: Creëer extra stressontladingspunten doorheen het huis op doorgangen
Je creëert geen oplaadpunten maar ‘ontlaadpunten’ in huis. Je wil je kat verleiden om sneller het stressemmertje leeg te maken, door op doorgangen krabplankjes, kartonnen dozen en hoogtes te voorzien.
Door deze op doorgangen te zetten, zorg je ervoor dat de kat hier gebruik van maakt, hoewel ze dit aanvankelijk niet van plan was. Sproeien doet ze pas wanneer ze op een bepaald stresspunt is beland. Als je haar dus elke keer op een andere manier de mogelijkheid geeft te ontladen, vermijd je dat ze dat punt bereikt.
Stap 7: Verwijder de sproeiplekken zo optimaal mogelijk
Bij sproeien is het uiterst belangrijk om alle feromonen zo optimaal mogelijk te verwijderen, zoals eerder besproken op p. 340.

Stap 8: Gewenst gedrag bekrachtigen
Zoals besproken in STAP 46 van de Kattenmatrix®, willen we naast ongewenst gedrag ontmoedigen ook gewenst gedrag bekrachtigen dat de kat kan uitvoeren in plaats van te sproeien. Er zijn niet onmiddellijk veel alternatieven voor sproeien, maar er is wel anti-complementair gedrag dat je kan uitlokken. Dat is gedrag dat de kat niet tegelijk met sproeien kan vertonen. In combinatie met de Kattenmatrix® kunnen de volgende tactieken een grote impact hebben op het sproeigedrag.
We overlopen onze 4 opties van bekrachtiging, toegepast op sproeien.
Optie 1: Toelaten
Dit is iets dat je moet doen, hoe pijnlijk het ook is. Laat de kat gewoon sproeien. Kijk er niet naar, erger je er niet in, laat het gewoon gebeuren en maak nadien schoon. Denk dan na over hoe je het een volgende keer kan vermijden. Het laatste dat je wil doen is je kat meer stress geven of belonen met aandacht door erop te reageren. Je kan wel je voorzorgen nemen door je gordijnen omhoog te knopen of weg te halen. Voorzie in dat geval wel andere visuele barrières naar buiten toe.
Je kan absorberende puppy pads op vaste sproeiplaatsen leggen of bevestigen zodat de urine wordt opgevangen. Net zoals er krabpalen in de dierenwinkel worden verkocht, zouden er ook sproeipalen moeten verkocht worden. Het is iets dat veel katten nu eenmaal willen doen, waarom hebben we hier dan geen mogelijkheid voor? Verwachten dat ze zich ervan onthouden, werkt helaas niet altijd.

Optie 2: Aanbieden
Je kan een alternatief aanbieden voor de nood die de kat tijdens het sproeien voelt, namelijk stress ontladen en een geurkenmerk uitzetten. Dat doet ze eveneens door te krabben en kopjes te geven. Afhankelijk van de sproeiplek kan je kiezen wat je hier doet.
Ten eerste: krabben! Je voorziet dus niet alleen extra krablocaties op doorgangen, je voorziet ook optimale krabmeubels op precies die sproeiplaatsen die je kat kiest. Ja, het risico bestaat hierbij dat je kat tegen het meubel sproeit.
Vermijd dit door hier geen nieuw meubel te plaatsen, maar wel door een krabboompje, -stam of -paal eerst elders te laten ‘inzegenen’ en dan naar deze locatie te verplaatsen. Zo ruikt het al naar de kat. Zorg er wel voor dat die andere plaats dan ook een nieuw meubeltje krijgt en niet kaal achterblijft.
Heb je te veel schrik voor het ondersproeien van nieuwe zaken? Leg hier dan simpelweg kleine, rechthoekige krabplankjes die je voor enkele euro’s in de dierenwinkel vindt. Wees hier niet gierig en plaats er zelfs tientallen als het kan! Het is immers als schieten met losse flodders en hopen dat er een paar raak zijn!
Ten tweede kan je hier een ‘self-groomer’ op een hoek van een tafel of een deurpost plaatsen. Wrijf er een beetje valeriaan op ter kennismaking en beloon de kat voor elke interactie, zeker in het begin. Hier kan ze naar believen kopjes aan geven en zo heb je dus de functie van de locatie veranderd. Zorg er wel voor dat ze geen reden meer heeft om te sproeien en dat alle bedreigingen verwijderd zijn.
Stimuleer tevens (los van de sproeiplaatsen) alle mogelijke vormen van kopjes geven. Zoek dagelijks meerdere keren contact met de kat op een rustige, veillige plaats, zit of lig op de grond en steek je hand uit. Initieer voor de rest geen enkel ander gedrag, maar laat de kat gewoon tegen je aanwrijven, kopjes geven, krioelen, rollenbollen. Je kan dit in gang zetten door wat valeriaan op de grond of aan je vingers te smeren, door een paar snoepjes in je hand te houden en deze bij elk kopje te geven enz.
Stimuleer dit gedrag dus niet alleen in de omgeving maar ook bij menselijk contact. Kopjes geven is de natuurlijke manier van de kat om zaken in de omgeving als veilig te labelen. Dit willen we dus zo veel mogelijk stimuleren, uiteraard op voorwaarde dat we deze plaatsen ook écht veilig voor de kat kunnen maken, anders moeten we absoluut aanvaarden dat ze hier wil krabben of sproeien.

Optie 3: Belonende factor toevoegen
Hier willen we bij onze kat uitlokken dat ze op deze locatie iets anders doet. Zodra je alle bedreigingen hebt verwijderd, kan je proberen de plaats om te vormen tot een eetlocatie, slaapplaats, kartonnen doos om te slapen of te schuilen, of een voedselverrijkingsplek. Als het een vaak gebruikte sproeiplek was, zet je na het opkuisen, tegelijk de plaats af met plexiglas of een andere beschermende plaat zodat de geur gemaskeerd is. Je kan valeriaan over de plek wrijven en hier trappelspeelgoed voorzien.
Maak hier beschikbaar wat jouw kat superleuk vindt. Wees uiteraard voorbereid op de mogelijkheid dat ze hier toch blijft sproeien.
Optie 4: Stimuleren van ander gedrag
Welke anti-complementaire gedragingen kunnen we uitlokken zodat ze niet meer hoeft te sproeien? Alle vormen van natuurlijk gedrag! Hoe meer jij haar nu kan bezighouden met natuurlijke zaken zoals spelen, jagen, exploreren, trappelen, voedselverrijking, locomotorisch spel, sociaal spel en fijne contacten met de eigenaar, hoe minder tijd ze heeft om gestresseerd te zijn!
Als je kat nog niet buiten mag en de buitenomgeving leent zich ertoe, is dit wel het ogenblik om dit te bekijken. Je kat sproeit binnen, hoogstwaarschijnlijk omdat ze dit in haar jachtgebied wil doen maar dat ligt binnen! Door haar toegang naar buiten te geven, geef je haar de mogelijkheid haar jachtgebied naar buiten te verplaatsen en daarnaast ook heel wat andere nieuwe gedragingen te vertonen die haar aandacht weghalen van het sproeien.
Pas op, want dit kan ook het tegenovergestelde effect hebben, als ze buiten met vele vijandige buitenkatten in contact komt. Dan kan het sproeien mogelijk verergeren. Maar als je maar sporadisch eens een kat ziet verschijnen, dan zou ik dit ten zeerste overwegen!

Stap 9: Ongewenste sproeiplaatsen ontmoedigen

Optie 1: Onmogelijk maken
Steek elektronische apparaten en nieuwe zaken zoveel mogelijk weg. Als je kat op onbekende zaken sproeit, moet je er dus eerst voor zorgen dat ze het niet meer kan doen. In combinatie met alle andere stappen en de Kattenmatrix® leer je haar dan een nieuwe gewoonte aan. Je leert haar aan dat er andere manieren zijn om stress te ontladen, om meer veerkracht te hebben om die geuren toch oké te vinden. Ook voor de leefbaarheid in huis is dit een belangrijke optie. Dit maakt het proces voor jou als eigenaar draaglijker.
Optie 2: Barricaderen
Zorg ervoor dat de kat op deze specifieke locatie niet meer kan sproeien door er iets voor te zetten. Werk zoveel mogelijk met zaken die je goed kan afwassen zoals plastic, glas en plexiglas.
Optie 3: Belonende factor weghalen
Geef de kat geen aandacht tijdens het sproeien en verwijder de feromonen zo goed mogelijk.
Optie 4: Ongewenste uitkomst toevoegen
Dit willen we bij sproeien niet doen, omdat onze kat al té hard getriggerd is en we haar absoluut niet nog meer willen stresseren, zelfs geen klein beetje. Dus niet roepen, snoet in de urine duwen, klappen enz. Gewoon negeren.

Wat kan je verwachten?
Met sproeien in huis moet je heel veel gaan experimenteren en je kat figuurlijk op handen dragen. Ze is immers een ‘drama queen’ en je wil haar absoluut niet van streek brengen. Totale stressreductie in de mate van het mogelijke is jouw dagelijkse doel. En dat is ook alles dat je moet doen. Acceptatie dat je een ‘luidruchtige’ kat in huis hebt, hoort hier ook bij. Een kat kan perfect gelukkig zijn en toch af en toe eens sproeien. Een gelukkige mens heeft ook af en toe eens een dipje. Als je daar even doorgaat, wordt het erna weer beter. Katten hebben dat ook, ze hoeven niet altijd tiptop in orde te zijn, sproeien hoort er nu gewoon eenmaal bij als belangrijke vorm van stressontlading om om te kunnen met de omgeving.